Partners aan 't woord

De Dierenbescherming

De Dierenbescherming

De Dierenbescherming is met 115.000 leden de grootste dierenwelzijnsorganisatie van Nederland. Het welzijn van dieren in de veehouderij is daar belangrijk onderdeel van naast gezelschapsdieren, proefdieren en wilde dieren.

Onze visie op de veehouderij staat beschreven in het Deltaplan Veehouderij. De Dierenbescherming kijkt daarin vooruit tot 2050 en ziet in ieder geval tot die tijd een rol voor dieren in het voedselsysteem. Momenteel is het gebruik van dieren voor voedselproductie, ondanks een groeiend aanbod van vlees-, zuivel- en eivervangers, voor de meeste mensen een gegeven. Wij verwachten niet dat dit in 2050 volledig verdwenen zal zijn, maar wel dat de rol van dieren significant anders en kleiner is, met een beter dierenwelzijn. Daar werken wij hard aan. Dat doen we onder andere met het Beter Leven keurmerk dat in 2007 is opgericht. Dit keurmerk biedt handelingsperspectief aan verschillende stakeholders, zoals  supermarkten, veehouders en consumenten. Het Beter Leven keurmerk zorgde in 2020 dat zo’n 38 miljoen dieren een beter leven gehad met onder andere meer ruimte, minder ingrepen en kortere veetransporten. 

In 2050 willen wij een integraal duurzame veehouderij: een veehouderij die goed is voor dier, boer, burger en milieu. Voor de dieren betekent dat, dat de houderijsystemen voldoen aan hun behoeften (bijv. vrij kunnen bewegen, uitvoeren van natuurlijk gedrag, gezond blijven, etc.). Dat vraagt niet alleen aanpassingen in de huisvesting, maar ook een transitie naar weerbare rassen, betere dodingsmethoden en minimaliseren van transport van levende dieren. Voor boeren is het belangrijk dat zij een goed inkomen kunnen verdienen met duurzamere productie, en dat ze plezier blijven houden in hun werk. Voor burgers is het belangrijk dat er goed, duurzaam voedsel wordt geproduceerd, en dat de transitie naar meer plantaardig en minder dierlijk eiwit gemaakt kan worden. Voor het milieu en klimaat moeten we naar een veehouderij die hier geen schade aan veroorzaakt, en die bijdraagt aan betere biodiversiteit.  

In het Deltaplan beschrijven we 4 transitiepaden om dit te bereiken:

  • Diervriendelijkere veehouderij als onderdeel van totale verduurzaming

Dieren zijn sterk en weerbaar en kunnen hun natuurlijke gedrag vertonen. Ze gaan zo min mogelijk op transport en elk dier krijgt toegang tot een uitloop of wei.

  • Van verspillende carnivoren naar waarderende omnivoren

Consumenten hebben hun consumptie van dierlijke producten fors gereduceerd en ze betalen de echte en faire prijs voor vlees, zuivel en eieren. Duurzaam voedsel wordt meer gewaardeerd en minder verspild.

  • Vernieuwende verbindingen tussen productie en consumptie

De veehouderij werkt in korte vaste ketens. Dit zorgt voor betere afspraken, eerlijke prijzen voor de boer en meer transparantie.

  • Kwaliteitsproductie voor een zelfvoorzienende regio

De veehouderij produceert integraal duurzame meerwaardeproducten voor de Noordwest-Europese markt.

Op alle transitiepaden is het nodig dat stakeholders in en rondom de veehouderij stappen zetten. Alleen dan kunnen we deze visie realiseren. Uiteraard draagt de Dierenbescherming ook haar steentje bij. Samen met Caring Farmers willen we projecten opzetten om het dierenwelzijn in de veehouderij verder te verbeteren.